Huurverhoging lager dan inflatie

huurcontract
Getty Images

De huurverhoging zal dit jaar niet de inflatie volgen, maar de gemiddelde loonstijging. De meeste sociale huurders kunnen daardoor op een huurverhoging van maximaal 3,1 procent rekenen.

Dat meldt de Woonbond. De inflatie was in 2022 historisch hoog. Mede onder druk van de Woonbond heeft het kabinet besloten af te wijken van een jaarlijkse huurverhoging die is gebaseerd op de inflatie. Zou dit niet zijn gebeurd, dan waren de huren op 1 juli met ruim elf procent verhoogd. Het beleid is nu om de huurverhoging te baseren op de gemiddelde loonstijging van het voorgaande jaar. Dat was 3,1 procent in 2022. 
Bij een sociale huurwoning mag de huur daardoor op 1 juli maximaal 3,1 procent omhoog. Bij een lage huur of een hoog inkomen, mag de huurverhoging meer zijn. Bij een huur die lager is dan driehonderd euro mag de verhoging maximaal 25 euro zijn. Bij een relatief hoog inkomen is dat maximaal vijftig of honderd euro per maand. Voor woningcorporaties geldt dat de gemiddelde huurverhoging van hun sociale huurwoningen niet hoger mag zijn dan 2,6 procent. 
In de vrije sector mag de huurverhoging één procent hoger zijn dan de gemiddelde loonstijging. Dat is in 2023 dus 4,1 procent. 

Huurverlaging

Een specifieke groep huurders krijgt dit jaar per 1 juli huurverlaging. Het gaat om huurders met een laag inkomen en een huur boven de 575 euro in een woning van een woningcorporatie. Een laag inkomen is maximaal 23.250 euro voor een alleenstaande en 30.270 euro voor een meerpersoonshuishouden. Voor AOW’ers ligt de grens voor een laag inkomen iets hoger, namelijk 24.600 euro en 32.730 euro.

Auteur 
  • Perry van Dijk
Bron 
  • Woonbond